Systeemoverzicht

GLX-D+ Dual Band Digital Wireles biedt vertrouwen zonder ingewikkeld te zijn. Dual-band-handelingen in 2,4 en 5,8 GHz verdubbelen de beschikbare bandbreedte om interfentie zonder audio-onderbreking te voorkomen. De ontvanger is compatibel met een selectie van lavalier-, headset- of vocale microfoons. De meegeleverde lithium-ionbatterij biedt tot 12 uur gebruiksduur en kan rechtstreeks via de ontvanger of via een USB-C kabel worden opgeladen.

Kenmerken

  • Uitzonderlijke helderheid van digitale audio
  • Compatibel met meerdere, legendarische microfoon-opties.
  • Wordt automatisch zonder audio-onderbreking uit de buurt van interferentie gebracht
  • Werkt in het 2,4 en 5,8 GHz-spectrum*
  • Oplaadbare batterijen hebben een gebruiksduur van maximaal 12 uur
  • Zeer betrouwbare RF-prestaties voor meerdere systeeminstallaties
  • Frequentiebereik zonder vergunning

Opmerking: afhankelijk van de regio

Gitaarpedaalontvanger

① Gelijkstroomvoedingsconnector Voor aansluiting van gelijkstroomvoeding (9 tot 15 V DC, min. 400 mA)

Opmerking: compatibel met voedingen met positieve punt of negatieve punt.

② INSTR IN Gebruik de ontvanger als een bedraad stemapparaat voor gitaarpedalen.
③ INSTR OUT Voor aansluiting op versterker of mengpaneel.

Opmerking: plaats bij gebruik van multi-effectpedalen het ontvangerpedaal als eerste in de signaalketen.

④ USB-C-poort Sluit aan op een computer om firmware-updates te downloaden.
⑤ Display Geeft instellingen van de ontvanger en het stemapparaat weer. Zie hieronder voor meer informatie over displayopties.
⑥ Antenne Twee antennes per ontvanger. Antennes vangen het signaal van de zender op.
⑦ Voetschakelaar Druk hierop voor het selecteren van ontvanger- of stemapparaatmodus.

Display, indicatoren en bedieningselementen

De functionaliteit van de bedieningselementen en het display is afhankelijk van de geselecteerde modus:

Ontvangermodus

① Batterijmeter zender Oplichtende segmenten geven de resterende batterijgebruiksduur aan.
② Display

Groep

Kanaal

LK (bedieningselementen vergrendeld)

UN (bedieningselementen ontgrendeld)

-- (frequentie niet beschikbaar)

③ Knop Koppelen Druk hierop om de ontvanger handmatig aan een zender te koppelen of om de functie Extern-ID te activeren.
④ Knop Modus Druk hierop om de audioversterkingsregeling in te schakelen. Stel met de ▲ ▼ knoppen de versterking in.
⑤ Audio-LED Het oplichten komt overeen met het audioniveau. Snel knipperen duidt op audio-oversturing.
⑥ LED voor demping Licht op als het audio-uitgangssignaal wordt gedempt.
⑦ RF-LED
  • AAN = gekoppelde zender is ingeschakeld
  • Knipperen = bezig met zoeken naar zender
  • UIT= gekoppelde zender uitgeschakeld of zender ontkoppeld
⑧ Knop Kanaal Druk hierop om een kanaal te selecteren en te bewerken.
⑨ Knop Groep Druk hierop om een groep te selecteren en te bewerken.

Stemapparaatmodus

① Indicator Te lage noot Licht op wanneer een noot te laag is.
② Stembalkdisplay LED's lichten op om toonhoogteafwijking aan te geven.
③ Indicator Te hoge noot Licht op wanneer een noot te hoog is.
④ Notendisplay Geeft de naam van de noot aan of (--) als het stemapparaat inactief is.
⑤ Knop Modus Druk hierop om de instellingen van het stemapparaatmenu te openen.
⑥ Pijltjesknoppen Gebruik de ▲ ▼ knoppen voor het selecteren en bewerken van menu-instellingen.
⑦ Indicator voor verstemde frequentie/verschoven referentietoonhoogte Er wordt een punt weergegeven indien de afstemming of toonhoogte op een niet-standaard waarde is ingesteld.

Opmerking: tijdens het inschakelen lopen niet-standaard instellingen voor afstemming of toonhoogte over het ontvangerdisplay.

De ontvanger instellen

  1. Sluit de PS24-voeding aan op de ontvanger en sluit het snoer aan op een netvoedingsbron.
  2. Sluit de zender aan op het instrument.
  3. Sluit de audio-uitgang aan op een versterker of mengpaneel.

Opmerking: de ontvanger wordt ingeschakeld nadat de voeding en de ¼ inch kabel zijn aangesloten.

Bodypack-zender

① Antenne

Voor overdracht van draadloos signaal.

② Status-led

Led-kleur en -toestand geven de zenderstatus aan.

③ Aan/uit-schakelaar

Hiermee wordt de zender in-/uitgeschakeld.

④ TA4M-ingangspoort

Wordt aangesloten op een microfoon- of instrumentkabel met een 4-pins miniconnector (TA4F).

⑤ USB-C-laadpoort

Wordt aangesloten op een USB-batterijlader.

⑥ Knop Koppelen

  • Houd deze binnen 5 seconden na inschakelen ingedrukt om handmatig de ontvanger te koppelen.
  • Druk kort op de knop om de functie Extern-ID te activeren

⑦ Batterijcompartiment

Voor 1 oplaadbare Shure-batterij.

Zenderstatus-LED

LED is groen tijdens normaal gebruik.

Knipperen of een verandering van de LED-kleur betekent een wijziging in de zenderstatus, zoals aangegeven in onderstaande tabel:

Kleur Status Beschrijving
Groen Knippert (langzaam) Zender probeert opnieuw koppeling met ontvanger te maken
Knippert (snel) Een niet-gekoppelde zender die een ontvanger zoekt
Knippert 3 maal Geeft een vergrendelde zender aan wanneer de voedingsschakelaar wordt ingedrukt
Rood Aan Gebruiksduur batterij < 1 uur
Knippert Gebruiksduur batterij < 30 minuten
Rood/groen Knippert Extern-ID actief
Oranje Knippert Batterijfout: verwijder en plaats opnieuw of vervang batterij

De bodypack dragen

Klem de bodypack vast aan een riem of schuif een gitaarband door de klem van de bodypack, zoals hier wordt weergegeven.

Voor de beste resultaten moet de riem tegen de basis van de klem worden geduwd.

Een bodypack dat horizontaal is bevestigd aan een riem, en verticaal aan een gitaarband

Batterijen van zender plaatsen

Belangrijk: laad een nieuwe batterij altijd volledig op voor het eerste gebruik.

  1. Zet de vergrendeling in de stand open en schuif de batterijklep open.
  2. Plaats de batterij in de zender.
  3. Sluit de batterijklep.

Accu's en opladen

De GLX-D+-zenders worden gevoed door de oplaadbare lithium-ion Shure-batterijen SB904. Geavanceerde chemische accueigenschappen hebben de gebruiksduur gemaximaliseerd. Dit zonder enig geheugeneffect, waardoor accu's vóór het opladen niet eerst moeten worden ontladen.

Aanbevolen opslagtemperatuur voor niet-gebruikte accu's is 10 °C (50 °F) tot 25 °C (77 °F).

Opmerking: De zender laat geen RF- of audiosignalen door wanneer deze is aangesloten op de laadkabel.

De volgende acculaadopties zijn mogelijk:

Opladen via de netvoeding

  1. Steek de laadkabel in de laadpoort op de zender.
  2. Steek de laadkabel in een netvoedingsbron.

Laadstatus-leds

LED-kleur Beschrijving
Groen (continu) Apparaat is volledig opgeladen
Rood (continu) Laden
Oranje (knippert) Buiten het temperatuurbereik, of batterijfout
Uit De stroomtoevoer is onderbroken of er is geen apparaat in het laadcompartiment geplaatst

Laadtijden en gebruiksduur zender

Bepaal aan de hand van onderstaande tabel bij benadering de gebruiksduur van de batterij gebaseerd op de duur van de laadtijd bij 5,8 GHz-modus. Afgebeelde tijden zijn in uren en minuten. Zenders worden na ongeveer 1 uur automatisch uitgeschakeld om de batterijgebruiksduur te verlengen als er geen signaal van een gekoppelde ontvanger wordt waargenomen.

Opladen via laadcompartiment van ontvanger of via de netvoeding Gebruiksduur zender
0:15 max. 1:30
0:30 max. 3:00
1:00 max. 6:00
3:00 maximaal 11:30*

*Door opslag of te hoge temperatuur neemt de maximale gebruiksduur af.

Opmerking: Als de ontvanger uitgeschakeld is en aangesloten blijft, gaat de batterij door met opladen.

Batterijmeter zender

Het aantal verlichte segmenten op de meter geeft de resterende batterijgebruiksduur aan voor een gekoppelde zender:

① = > 30 min

② = > 2 uur

③ = > 4 uur

④ = > 6 uur

⑤ = > 8 uur

⑥ = > 10 uur

⑦ = > 11,5 uur

Opmerking: De LED's gaan aan/uit terwijl de batterijgebruiksduur wordt berekend.

Belangrijke tips voor zorg voor en opslag van oplaadbare Shure-batterijen

De juiste zorg voor en opslag van Shure-batterijen leidt tot betrouwbare prestaties en garandeert een lange levensduur.

  • Sla batterijen en zenders altijd bij kamertemperatuur op
  • In het ideale geval dienen batterijen te worden opgeladen tot ongeveer 40% capaciteit voor langetermijnopslag
  • Tijdens opslag controleert u de batterijen elke 6 maanden en laadt u deze zo nodig op tot 40% capaciteit

Tips om de prestaties van een draadloos systeem te verbeteren

Als u storingen of uitval ervaart, kunt u het volgende proberen:

  1. Plaats de ontvanger ten minste 3 meter (10 ft) van Wi-Fi-toegangspunten, computers of andere actieve 2,4 GHz- en 5,8 GHz-bronnen af.
    • Vermijd druk Wi-Fi-verkeer zoals het downloaden van grote bestanden of het bekijken van een film.
    • Schakel Wi-Fi in voordat u ontvangers inschakelt en naar het beste kanaal gaat scannen.
  2. Verminder de afstand tussen zender en ontvanger door ontvangers op het podium of boven het publiek te plaatsen met een vrije zichtlijn naar de zender.
    • Verplaats de ontvanger naar de top van het apparatuurrack voor een vrije zichtlijn.
    • Bevestig de antennes op afstand om ze dichter bij de zenders te plaatsen en de RF-betrouwbaarheid te verbeteren, indien de ontvangers niet dichterbij geplaatst kunnen worden.
    • Zorg ervoor dat er niemand de zichtlijn tussen de ontvanger en zender blokkeert.

Aanvullende tips

  • Plaats geen andersoortige 2,4 GHz- en 5,8 GHz-ontvangers in de buurt van GLXD4R+-ontvangers.
  • Scan voor het beste, beschikbare kanaal door op knop voor kanalen te drukken.
  • Houd zenders meer dan 2 meter (6 ft) uit elkaar. Dit is minder belangrijk bij een kortere afstand tussen de ontvanger en zender.

    Opmerking: Als zenders zich dichter dan 15 cm (6 inch) bij niet-GLX-D+-zenders of microfoonkoppen bevinden, kan hoorbare ruis optreden.

  • Zorg dat de zender en ontvanger niet in de buurt geplaatst zijn van metaal of andere materialen met een hoge dichtheid.
  • Breng tijdens de soundcheck een markering aan op ‘probleemplekken’ en vraag artiesten om die gebieden te vermijden.

Werking ontvanger

Audioversterkingsregeling

De zenderversterking heeft een instelbereik van –20 dB tot +40 dB in stappen van 1 dB.

Tip: Probeer de instelling van 0 dB (unity gain [onversterkt]) als beginpunt en stel vervolgens zo nodig de versterkingsfactor in.

  1. Houd de knop mode op de ontvanger ingedrukt er tot op het display dB verschijnt.
  2. Druk op pijltjesknoppen up/down om de versterkingsfactor in te stellen. Voor een snellere afregeling houdt u de knoppen ingedrukt.

Opmerking: de intensiteit van het groene audiolampje komt overeen met het audioniveau. Snel knipperen duidt op audio-oversturing. Verminder de versterkingsfactor om de overbelasting te verwijderen.

Bedieningselementen vergrendelen en ontgrendelen

De bedieningselementen van de ontvanger en zender kunnen worden vergrendeld om onbevoegde wijzigingen aan de instellingen of onbevoegd uitschakelen te voorkomen. De vergrendelingsstatus wordt niet gewijzigd door het aan-/uitschakelen.

Bedieningselementen ontvanger vergrendelen

Houd de knoppen Groep en Kanaal tegelijkertijd ingedrukt tot LK op het scherm verschijnt. Doe hetzelfde om te ontgrendelen.

  • LK wordt weergegeven als een vergrendeld bedieningselement wordt ingedrukt
  • UN wordt kort weergegeven om het ontgrendelingscommando te bevestigen

De bedieningselementen van de zender vergrendelen

Rechtstreeks vanaf de zender vergrendelen:

Begin met de zender uitgeschakeld en houd dan de knop Koppelen ingedrukt terwijl u de zender inschakelt. Laat de knop Koppelen los wanneer de zender inschakelt om te voorkomen dat de zender wordt teruggezet naar de fabrieksinstellingen. Het vergrendelpictogram verschijnt op het scherm van de ontvanger als deze is vergrendeld. Herhaal deze volgorde om te ontgrendelen.

De zender ontgrendelen vanaf het voorpaneel:

Houd de knoppen Groep en Koppelen tegelijkertijd ongeveer 2 seconden ingedrukt tot het knipperende vergrendelingspictogram op het scherm van de ontvanger verschijnt. Herhaal deze stappen om te ontgrendelen.

Opmerking: De zenderstatus-LED van de zender knippert als een vergrendelde schakelaar in de stand Uit wordt gezet.

Gekoppelde zenders en ontvangers met extern-ID identificeren

Gebruik de functie Extern-ID voor het identificeren van gekoppelde zender- en ontvangerparen in systemen met meerdere ontvangers.

Het extern-ID activeren:

  1. Druk kort op de knop Koppelen op de zender of de ontvanger.
  2. Het scherm van de gekoppelde ontvanger knippert en geeft ID weer, terwijl de status-led op de gekoppelde zender afwisselend rood/groen knippert.
  3. Druk om de modus Extern-ID af te sluiten kort op de knop Koppelen of wacht tot de functie in time-out gaat.

Bandmodus van de ontvanger

Er zijn 3 band-modi beschikbaar voor GLXD+-ontvangers.* De opties voor bandmodus zijn:

  • Uitsluitend 2,4 GHz-modus
  • Uitsluitend 5,8 GHz-modus
  • Beste bandmodus – 2,4 en 5,8 GHz (standaard)

Opmerking: afhankelijk van de regio

U kunt de bandmodus als volgt wijzigen:

  1. Houd de knop Kanaal op de ontvanger ingedrukt wanneer u de ontvanger inschakelt. Houd de knop 'Kanaal' ongeveer 5 seconden ingedrukt totdat het bandselectiemenu is geopend.
  2. Druk op de versterkingsknoppen omhoog/omlaag om een bandmodus te selecteren. Het scherm knippert kort en scant vervolgens naar het beste kanaal om te gebruiken.

Opmerking: Gekoppelde ontvangers en zenders moeten in staat zijn om in dezelfde band te werken. Zenders die de geselecteerd bandmodus niet ondersteunen worden ontkoppeld van de ontvanger.

Stemapparaatmenu

Druk op de voetschakelaar en open de stemapparaatmodus.

In de stemapparaatmodus zijn de bedieningselementen alleen van invloed op de stemapparaatfuncties. RF- en audio-instellingen worden niet beïnvloed.

Opmerking:

  • Bedraad gebruik: Bedrade ingangsspanning laadt het gitaarsignaal niet, waardoor er geen overbruggingsschakelaars nodig zijn. De eenheid geeft bedraad signaal niet door wanneer het pedaal geen stroom heeft.
  • Draadloos gebruik: Overbrugging is niet van toepassing omdat het pedaal stroom moet hebben om draadlozen signalen te ontvangen.

Opties stemapparaat

  • Indicator: Needle of Strobe
  • Uitgangsspanning: Live, Mute of Both
  • Helderheid display
  • Verstemmen
  • Te hoge en te lage noten
  • Referentietoonhoogte

Instellingen stemapparaat selecteren en bewerken

Gebruik de volgende knoppen voor het selecteren en bewerken van de menu-instellingen van het stemapparaat:

  • Open het menu met de knop Modus en blader door de menu-instellingen
  • Wijzig met de ▲ ▼ knoppen een menuparameter
  • Gebruik de voetschakelaar voor het invoeren en opslaan van de parameterwijzigingen.

Indicator: Naald of stroboscoop

De stemapparaatindicator kan als naald- of als stroboscoopuitvoering worden ingesteld.

Naald

Op de stembalk licht één LED op om een te hoge of te lage noot aan te geven. De groene middelste LED zal oplichten wanneer de noot zuiver is.

Stroboscoop

Een reeks van drie LED's lopen over de stembalk in de richting voor te hoog of te laag. De beweging van de LED's stopt wanneer de noot zuiver is.

Opmerking: Indicator- en uitgangsinstellingen worden lopend van links naar rechts weergegeven.

Voor audio-uitgang Live of Mute kiezen

Stel de audio-uitgang op de volgende modi in wanneer de voetschakelaar wordt ingedrukt in stemapparaatmodus.

Opmerking: Tekst voor de uitgangsinstellingen worden lopend van links naar rechts weergegeven.

Modus Voetschakelaarfunctie
Spanning Ontvangerdisplay (audio live) stemapparaatdisplay (audio live)
Dempen Ontvangerdisplay (audio live) stemapparaatdisplay (audio gedempt)
Beide Tunerdisplay (audio gedempt) stemapparaatdisplay (audio live)*

*Opmerking: In de modus Beide start het pedaal met de ontvangerdisplay. Druk op de voetschakelaar om de stemapparaatmodus te openen.

Helderheid display

De ontvanger heeft een ingebouwde lichtsensor voor de automatische afregeling van de helderheid van het display.

Kies om de helderheid handmatig af te regelen een van de volgende instellingen:

Verstemmen

Het stemapparaat kan zo worden ingesteld dat de concertstemming wordt weergegeven voor instrumenten die als volgt zijn verstemd:

  • Tot 5 stappen hoger (#1-#2 -#3-#4-#5)
  • Tot 6 stappen lager (b6-b5-b4-b3-b2-b1)

De notatie voor concertstemming is b0

Opmerking: er verschijnt een punt op het display als herinnering dat het pedaal is verstemd.

Te hoge en te lage noten

Toont symbolen voor te hoge of te lage noten op het display voor niet-natuurlijke tonen.

Referentietoonhoogte

De referentietoonhoogte kan worden verschoven vanuit de concertstemming van A440 in een bereik van 432 Hz t/m 447 Hz in stappen van 1 Hz.

Bij het aanpassen van de toonhoogte worden de laatste 2 cijfers van de waarde weergegeven. Op het display verschijnt bijvoorbeeld '32' wanneer de toonhoogte is ingesteld op 432 Hz.

Er verschijnt een * op het display als herinnering dat de referentietoonhoogte is verschoven.

Stemapparaat gebruiken

  1. Druk op de voetschakelaar om de stemapparaatmodus te openen.
  2. Speel elke noot afzonderlijk. Het display toont de naam van de noot.
  3. Regel de toonhoogte af tot beide indicatoren oplichten en de naald of de stroboscoop aangeven dat deze correct is.

Naaldmodus

Beide stemindicatoren en het middelste groene segment lichten op wanneer de noot zuiver is.

Stroboscoopmodus

Beide stemindicatoren lichten op en de segmenten van de stroboscoop stoppen met bewegen wanneer de noot zuiver is.

Een voeding van andere merken gebruiken

We raden aan de inbegrepen voeding of een voeding met geïsoleerde vermogensuitgangen te gebruiken om uw draadloze ontvangerpedaal van stroom te voorzien.

Als u een voedingsbron met geïsoleerde vermogensuitgangen gebruikt, dient u een vermogensuitgang met een minimaal vermogen van 400 mA te gebruiken.

Houd echter rekening met het volgende als u voedingen van andere merken gebruikt:

  • Controleer het vermogensverbruik van elk pedaal in de daisy-chain. U moet het totale vermogensverbruik voor al uw pedalen weten om overbelasting van de voeding te voorkomen.
  • Raadpleeg de fabrikant van het pedaal als er geen vermogenseis op het pedaal staat.

Firmware

Nieuwe versies van de firmware kunnen worden geüpload en geïnstalleerd met behulp van het hulpprogramma Shure Update Utility.

Download Shure Update Utility via shure.com

Om uw firmware bij te werken, verbind het apparaat met de computer met behulp van een USB-C-kabel en open de Shure Update Utility.

Componenten resetten

Maak gebruik van de resetfunctie als het nodig is om voor de zender of ontvanger de fabrieksinstellingen te herstellen.

Ontvanger resetten

Hiermee worden voor de ontvanger de volgende fabrieksinstellingen hersteld:

  • Versterkingsniveau = standaard
  • Bedieningselementen = ontgrendeld

Houd de knop Koppelen ingedrukt als u de voeding van de ontvanger inschakelt tot er RE op het display wordt weergegeven.

Opmerking: wanneer de reset voltooid is, begint de ontvanger automatisch naar een zender te zoeken om mee te koppelen. Druk de knop 'link' van de zender binnen vijf seconden na inschakeling in en houd deze ingedrukt om de koppeling te voltooien.

Zender resetten

Hiermee worden voor de zender de volgende fabrieksinstellingen hersteld:

  • Bedieningselementen = ontgrendeld

Houd de knop Zender koppelen tijdens het inschakelen van de zender ingedrukt tot het voedingslampje uit gaat.

Wanneer de knop 'link' wordt losgelaten, begint de zender automatisch naar een beschikbare ontvanger te zoeken om deze te koppelen. Druk op de knop 'link' op een beschikbare ontvanger om deze opnieuw te koppelen.

Probleemoplossing

Probleem Indicatorstatus Oplossing
Geen geluid of zacht geluid RF-led ontvanger is AAN
  • Controleer alle aansluitingen van het geluidssysteem of stel zo nodig de versterking af.
  • Controleer of de ontvanger is aangesloten op het mengpaneel/de versterker.
RF-led ontvanger is UIT
  • Schakel de zender in.
  • Controleer of de batterijen correct zijn geplaatst.
  • Koppel de zender en ontvanger.
  • Laad de batterij van de zender op of vervang deze.
Ontvangerdisplay uit
  • Controleer of de AC-adapter goed in het stopcontact is gestoken.
  • Controleer of de ontvanger is ingeschakeld.
LED-indicator zender is rood en knippert Laad de batterij van de zender op of vervang deze.
Zender in laadapparaat geplaatst. Koppel zender los van laadapparaat.
Storing in of uitval van audio RF-lampje knippert of is uit
  • Schakel de ontvanger en zender over naar een andere groep en/of een ander kanaal.
  • Kijk of er storingsbronnen in de buurt zijn (mobiele telefoons, Wi-Fi-toegangspunten, signaalprocessor enz.) en schakel deze bronnen uit of verwijder ze.
  • Laad de batterij van de zender op of vervang deze.
  • Controleer of de ontvanger en zender binnen de systeemparameters zijn geplaatst.
  • Het systeem moet zijn opgesteld binnen het aanbevolen bereik en de ontvanger mag zich niet in de buurt van metalen oppervlakken bevinden.
  • Voor optimaal geluid moet de zender worden gebruikt in een ononderbroken lijn naar de ontvanger.
Vervorming OL-indicator verschijnt op ontvangerdisplay Verlaag versterkingsfactor van zender.
Verbinden van zender en ontvanger mislukt De LED's van de zender en ontvanger knipperen om aan te geven dat het tot stand brengen van de verbinding is gestart, maar het verbinden mislukt Werk beide componenten bij naar de laatste firmwareversie.
Verschillen in geluidsniveau bij het overschakelen tussen bronnen n.v.t. Stel zo nodig de versterkingsfactor van de zender af.
Ontvanger/zender kan niet worden uitgeschakeld Zender-LED knippert snel Bedieningselementen vergrendeld.
Versterkingsregeling ontvanger kan niet worden afgesteld n.v.t. Controleer de zender. Zender moet zijn ingeschakeld om versterkingsfactor te kunnen wijzigen.
Bedieningselementen ontvanger kunnen niet worden afgesteld LK verschijnt op het scherm van de ontvanger wanneer er knoppen worden ingedrukt Bedieningselementen vergrendeld.
Zender-ID-functie reageert niet Zender-LED is groen en knippert 3 maal Bedieningselementen vergrendeld.
Zenderinformatie verschijnt niet op het ontvangerdisplay n.v.t. De gekoppelde zender staat uit of de ontvanger is niet aan een zender gekoppeld.
Zender schakelt na 1 uur uit Zenderstatus-LED is uit Zenders schakelen na 1 uur automatisch uit om batterij te besparen als er geen signaal van een gekoppelde ontvanger wordt waargenomen. Controleer of de gekoppelde ontvanger is ingeschakeld.

Accessoires

Kabel, instrument, 0,75 m (2,5 ft), 4-pens mini-connector (TA4F) aan connector van 1/4 inch. WA302
Kabel, instrument, 0,7 m (2 ft), 4-pens mini-connector (TA4F) met haakse connector van 1/4 inch, voor gebruik met draadloze bodypack-zenders van Shure WA304
Shure Rechargeable Battery SB904
USB-C Battery Charger SBC10-USBC
Eersteklas gitaarkabel, TQG-schroefconnector WA305
Power Supply PS24

Productgegevens

Afstemmingsbandbreedte

Z2 2400-2483,5 MHz
Z3 2400-2483,5 MHz en 5725-5850 MHz
Z4 2400-2483,5 MHz en 5725-5875 MHz
Z5 2400-2483,5 MHz en 5725-5825 MHz
Afhankelijk van frequentieband

Zendmodus

Digitaal, bedrijfseigen van Shure

RF-uitgangsvermogen

10 mW maximaal E.I.R.P. (effectief isotroop uitgestraald vermogen)

Bedrijfstemperatuurbereik

0 °C (32 °F) tot 50 °C (122 °F)

Polariteit

Positieve spanning op de punt van de jackplug aan de gitaarkabel wekt een positieve spanning op de punt van de hoogohmige ¼-inch-uitgang op

Audiofrequentiekarakteristiek

20 Hz – 20 kHz

Dynamisch bereik

120 dB, A-gewogen

RF-gevoeligheid

–88 dBm, normaal

Totale harmonische vervorming

0,02%, normaal

Batterijlevensduur

Maximaal 11,5 uur

Stemapparaat

Afstemnauwkeurigheid ±1 cent
Afstembereik F#0 tot C8

Aantal kanalen

Maximaal 4 normaal, 8 optimaal

Uitsluitend 2,4 GHz: Maximaal 4 normaal, 5 optimaal

GLXD6+

Voedingsvereisten

9 V – 15 V, 400 mA (efficiëntieniveau voeding: VI)

Antennetype

Dualband PIFA

Afmetingen

138 x 95 x 48 mm (5,4 x 3,7 x 1,89 in.)

Gewicht

560 g (19,75 oz)

Behuizing

Aluminiumlegering

Parasitaire onderdrukking

>35 dB, normaal

Versterkingsregelbereik

–20 tot 40 dB in stappen van 1 dB

Modi audio-ingangen

Stemapparaat of True-overbrugging

AUDIO-UITGANG:

Configuration

6,35 mm (1/4") uitgang

Impedantie-gebalanceerd

Impedantie

6,35 mm (1/4") uitgang

100 Ω (50 Ω, ongebalanceerd)

Maximaal audio-uitgangsniveau

6,35 mm (1/4”) connector (in 3 kΩ belasting)

+8,5 dBV

Pentoewijzingen

6,35 mm (1/4") connector

Punt=audio, ring=geen audio, mantel=massa

ANTENNE-INGANG ONTVANGER:

Impedantie

50 Ω

Maximaal ingangsniveau

−20 dBm

GLXD1+

Voedingsvereisten

Oplaadbare Shure-Lithium-ionbatterij SB904
USB-voedingseenheid (VS/Canada) SBC10-USB15WSUSTWJ

Antennetype

Dualband interne monopool

Afmetingen

115 x 66,94 x 28,51 mm (4,5 x 2,6 x 1,1 in.), (H x B x D)

Gewicht

153,1 g (5,4 oz), zonder batterij

Behuizing

Aluminiumlegering, ABS-kunststof

Ingangsimpedantie

900 kΩ

TX-INGANG:

Connector

4-pens miniconnector, male (TA4M)

Maximaal ingangsniveau

+8,4 dBV (7,5 Vp-p)

Configuration

Ongebalanceerd

Pentoewijzingen

1 Grond (kabelafscherming)
2 + 5 V Bias
3 Audio
4 Door actieve lading aan de aarding verbonden (aan instrumentadapterkabel, pen 4 zweeft)

SB904

Batterijtype

Oplaadbaar lithium-ion

Nominale capaciteit

2420 mAh (8,71 Wh)

Nominale spanning

3.6 V

Afmetingen

72,8 x 20,96 x 20,80 mm (2,87 x 0,83 x 0,82 inches), (h x b x d)

Gewicht

53,7 g (1,89 oz)

Behuizing

PC/ABS

Bereik omgevingstemperatuur

Opladen: 0 °C (32 °F) tot 40 °C (104 °F)
In bedrijf: –18 °C (0 °F) tot 45 °C (113 °F)

SBC10-904

DC-ingangsspanning

5 V

Bereik omgevingstemperatuur

In bedrijf:

0 °C (32 °F) tot 40 °C (104 °F)

SBC10-USB15W-voeding

Input Voltage Range

100 tot 240 V AC

Maximaal ingangsvermogen

600 mA bij 100 V AC (vollast)

Uitgangsspanning

5 V DC bij 3 A

Maximaal uitgangsvermogen

15 W

SBC10-USB-voeding

Input Voltage Range

100 tot 240 V AC

Maximaal ingangsvermogen

200 mA bij 100 V AC (vollast)

Uitgangsspanning

5 V DC bij 1 A

Maximaal uitgangsvermogen

5 W

Diagrammen

Diagram van GLXD6-uitgangsaansluitingen

Frequentietabellen

Z2 (2.4 GHz only)

Group 1
Gr 1 - Ch 1 2424 2425 2442 2443 2462 2464
Gr 1 - Ch 2 2418 2419 2448 2450 2469 2471
Gr 1 - Ch 3 2411 2413 2430 2431 2476 2477
Gr 1 - Ch 4 2405 2406 2436 2437 2455 2457
Group 2
Gr 2 - Ch 1 2423 2424 2443 2444 2473 2474
Gr 2 - Ch 2 2404 2405 2426 2427 2456 2457
Gr 2 - Ch 3 2410 2411 2431 2432 2448 2449
Gr 2 - Ch 4 2417 2418 2451 2452 2468 2469
Gr 2 - Ch 5 2437 2438 2462 2463 2477 2478
Group 3
Gr 3 - Ch 1 2415 2416 2443
Gr 3 - Ch 2 2422 2423 2439
Gr 3 - Ch 3 2426 2427 2457
Gr 3 - Ch 4 2447 2448 2468
Gr 3 - Ch 5 2409 2451 2452
Gr 3 - Ch 6 2431 2462 2463
Gr 3 - Ch 7 2404 2473 2474
Gr 3 - Ch 8 2435 2477 2478
Group 4
2404 2406 2408 2410 2412 2414
2416 2418 2420 2422 2424 2426
2428 2430 2432 2434 2436 2438
2440 2442 2444 2446 2448 2450
2452 2454 2456 2458 2460 2462
2464 2466 2468 2470 2472 2474
2476 2478

Z3

Group 1 (2.4 GHz)
Gr 1 - Ch 1 2405 2323 2441 2465
Gr 1 - Ch 2 2411 2429 2447 2471
Gr 1 - Ch 3 2417 2435 2453 2477
Group 2 (2.4 GHz)
Gr 2 - Ch 1 2404 2424 2444 2464
Gr 2 - Ch 2 2409 2429 2449 2469
Gr 2 - Ch 3 2414 2434 2454 2474
Gr 2 - Ch 4 2419 2439 2459 2478
Group 3 - Channel 1 (2.4 GHz)
2405 2408 2411 2414 2417 2420
2423 2426 2429 2432 2435 2438
2441 2444 2447 2450 2453 2456
2459 2462 2465 2468 2471 2474
2477
Group 1 (5.8 GHz)
Gr 1 - Ch A 5730 5760 5790 5820
Gr 1 - Ch B 5736 5766 5796 5826
Gr 1 - Ch C 5742 5772 5802 5832
Gr 1 - Ch D 5748 5778 5808 5838
Gr 1 - Ch E 5754 5784 5814 5845
Group 2 (5.8 GHz)
Gr 2 - Ch A 5729 5759 5789 5819
Gr 2 - Ch B 5734 5764 5794 5824
Gr 2 - Ch C 5739 5769 5799 5829
Gr 2 - Ch D 5744 5774 5804 5836
Gr 2 - Ch E 5749 5779 5809 5841
Gr 2 - Ch F 5754 5784 5814 5846
Group 3 - Channel A (5.8 GHz)
5730 5733 5736 5739 5742 5745
5748 5751 5754 5757 5760 5763
5766 5769 5772 5775 5778 5781
5784 5787 5790 5793 5796 5799
5802 5805 5808 5811 5814 5817
5820 5823 5826 5829 5832 5835
5838 5841 5845

Z4

Group 1 (2.4 GHz)
Gr 1 - Ch 1 2405 2323 2441 2465
Gr 1 - Ch 2 2411 2429 2447 2471
Gr 1 - Ch 3 2417 2435 2453 2477
Group 2 (2.4 GHz)
Gr 2 - Ch 1 2404 2424 2444 2464
Gr 2 - Ch 2 2409 2429 2449 2469
Gr 2 - Ch 3 2414 2434 2454 2474
Gr 2 - Ch 4 2419 2439 2459 2478
Group 3 - Channel 1 (2.4 GHz)
2405 2408 2411 2414 2417 2420
2423 2426 2429 2432 2435 2438
2441 2444 2447 2450 2453 2456
2459 2462 2465 2468 2471 2474
2477
Group 1 (5.8 GHz)
Gr 1 - Ch A 5730 5766 5802 5838
Gr 1 - Ch B 5736 5772 5808 5844
Gr 1 - Ch C 5742 5778 5814 5851
Gr 1 - Ch D 5748 5784 5820 5858
Gr 1 - Ch E 5754 5790 5826 5864
Gr 1 - Ch F 5760 5796 5832 5870
Group 2 (5.8 GHz)
Gr 2 - Ch A 5729 5764 5799 5834
Gr 2 - Ch B 5734 5769 5804 5839
Gr 2 - Ch C 5739 5774 5809 5850
Gr 2 - Ch D 5744 5779 5814 5856
Gr 2 - Ch E 5749 5784 5819 5861
Gr 2 - Ch F 5754 5789 5824 5866
Gr 2 - Ch G 5759 5794 5829 5871
Group 3 - Channel A (5.8 GHz)
5730 5733 5736 5739 5742 5745
5748 5751 5754 5757 5760 5763
5766 5769 5772 5775 5778 5781
5784 5787 5790 5793 5796 5799
5802 5805 5808 5811 5814 5817
5820 5823 5826 5829 5832 5835
5838 5841 5844 5847 5851 5855
5858 5861 5864 5867 5870

Z5

Group 1 (2.4 GHz)
Gr 1 - Ch 1 2405 2323 2441 2465
Gr 1 - Ch 2 2411 2429 2447 2471
Gr 1 - Ch 3 2417 2435 2453 2477
Group 2 (2.4 GHz)
Gr 2 - Ch 1 2404 2424 2444 2464
Gr 2 - Ch 2 2409 2429 2449 2469
Gr 2 - Ch 3 2414 2434 2454 2474
Gr 2 - Ch 4 2419 2439 2459 2478
Group 3 - Channel 1 (2.4 GHz)
2405 2408 2411 2414 2417 2420
2423 2426 2429 2432 2435 2438
2441 2444 2447 2450 2453 2456
2459 2462 2465 2468 2471 2474
2477
Group 1 (5.8 GHz)
Gr 1 - Ch A 5730 5754 5778 5802
Gr 1 - Ch B 5736 5760 5784 5808
Gr 1 - Ch C 5742 5766 5790 5814
Gr 1 - Ch D 5748 5772 5796 5820
Group 2 (5.8 GHz)
Gr 2 - Ch A 5729 5753 5778 5803
Gr 2 - Ch B 5733 5758 5783 5808
Gr 2 - Ch C 5738 5763 5788 5813
Gr 2 - Ch D 5743 5768 5793 5817
Gr 2 - Ch E 5748 5773 5798 5821
Group 3 - Channel A (5.8 GHz)
5730 5733 5736 5739 5742 5745
5748 5751 5754 5757 5760 5763
5766 5769 5772 5775 5778 5781
5784 5787 5790 5793 5796 5799
5802 5805 5808 5811 5814 5817
5820

BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

  1. LEES deze instructies.
  2. BEWAAR deze instructies.
  3. NEEM alle waarschuwingen in acht.
  4. VOLG alle instructies op.
  5. GEBRUIK dit apparaat NIET in de buurt van water.
  6. REINIG UITSLUITEND met een droge doek.
  7. DICHT GEEN ventilatieopeningen AF. Zorg dat er voldoende afstand wordt gehouden voor adequate ventilatie. Installeer het product volgens de instructies van de fabrikant.
  8. Plaats het apparaat NIET in de buurt van warmtebronnen, zoals vuur, radiatoren, warmteroosters, kachels of andere apparaten (waaronder versterkers) die warmte genereren. Plaats geen vuurbronnen in de buurt van het product.
  9. ZORG ERVOOR dat de beveiliging van de gepolariseerde stekker of randaardestekker intact blijft. Een gepolariseerde stekker heeft twee pennen waarbij er één breder is dan de andere. Een randaardestekker heeft twee pennen en een extra aardaansluiting. De breedste pen en de aardaansluiting zijn bedoeld om uw veiligheid te garanderen. Als de meegeleverde stekker niet in de contactdoos past, vraag een elektricien dan om de verouderde contactdoos te vervangen.
  10. BESCHERM het netsnoer tegen erop lopen of afknelling, vooral in de buurt van stekkers en uitgangen en op de plaats waar deze het apparaat verlaten.
  11. GEBRUIK UITSLUITEND door de fabrikant gespecificeerde hulpstukken/accessoires.
  12. GEBRUIK het apparaat UITSLUITEND in combinatie met een door de fabrikant gespecificeerde wagen, standaard, driepoot, beugel of tafel of met een meegeleverde ondersteuning. Wees bij gebruik van een wagen voorzichtig tijdens verplaatsingen van de wagen/apparaat-combinatie om letsel door omkantelen te voorkomen.

    A cart with a receiver on top tipping over onto a person. There is a circle around the image with a line through it.

  13. HAAL de stekker van dit apparaat uit de contactdoos tijdens onweer/bliksem of wanneer het lange tijd niet wordt gebruikt.
  14. Laat onderhoud altijd UITVOEREN door bevoegd servicepersoneel. Onderhoud moet worden uitgevoerd wanneer het apparaat op enigerlei wijze is beschadigd, bijvoorbeeld beschadiging van netsnoer of stekker, vloeistof of voorwerpen in het apparaat zijn terechtgekomen, het apparaat is blootgesteld aan regen of vocht, niet naar behoren werkt of is gevallen.
  15. STEL het apparaat NIET bloot aan druppelend en rondspattend vocht. PLAATS GEEN voorwerpen gevuld met vloeistof, bijvoorbeeld een vaas, op het apparaat.
  16. De NETSTEKKER of een koppelstuk van het apparaat moet klaar voor gebruik zijn.
  17. Het door het apparaat verspreide geluid mag niet meer zijn dan 70 dB(A).
  18. Apparaten van een KLASSE I-constructie moeten worden aangesloten op een WANDCONTACTDOOS met beschermende aardaansluiting.
  19. Stel dit apparaat niet bloot aan regen of vocht om het risico op brand of elektrische schokken te verminderen.
  20. Probeer dit product niet te wijzigen. Wanneer dit wel gebeurt, kan lichamelijk letsel optreden en/of het product defect raken.
  21. Gebruik dit product binnen de gespecificeerde bedrijfstemperaturen.
Dit symbool geeft aan dat in deze eenheid een gevaarlijk spanning aan-wezig is met het risico op een elektrische schok.
Dit symbool geeft aan dat in de documentatie bij deze eenheid belangrijke bedienings- en onderhoudsinstructies zijn opgenomen.

Binnen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk geeft dit label aan dat de batterijen van dit product apart moeten worden ingezameld en niet met het huishoudelijk afval mogen worden afgevoerd. Substanties in batterijen kunnen een negatieve invloed op de gezondheid en het milieu hebben. U bent verantwoordelijk voor het recyclen van afvalbatterijen, waardoor u bijdraagt aan de bescherming, het behoud en de kwaliteitsverbetering van het milieu. Neem contact op met uw lokale overheid of verkooppunt voor meer informatie over beschikbare inzamelings- en recyclingregelingen.

Het apparaat is bedoeld om in professionele audiotoepassingen te worden gebruikt.

EMC-conformiteitstesten zijn gebaseerd op het gebruik van meegeleverde en aanbevolen kabeltypes. Bij gebruik van andere kabeltypes kunnen de EMC-prestaties worden aangetast.

Wijzigingen of aanpassingen die niet expliciet zijn goedgekeurd door Shure Incorporated kunnen uw bevoegdheid om het apparaat te gebruiken tenietdoen.

Houd rekening met het milieu; elektrische producten en verpakkingen maken deel uit van regionale recyclingprogramma's en horen niet bij het gewone huisafval.

WAARSCHUWING

  • Batterijpakketten kunnen exploderen of giftige stoffen afgeven. Gevaar voor brand of verbranding. Niet openen, indeuken, wijzigen, demonteren, tot boven 60 °C verwarmen of verbranden.
  • Volg de instructies van de fabrikant op.
  • Gebruik uitsluitend een Shure-lader om oplaadbare Shure-batterijen op te laden.
  • WAARSCHUWING: Explosiegevaar indien batterij door verkeerd exemplaar wordt vervangen. Uitsluitend vervangen met hetzelfde type of een gelijkwaardig type.
  • Stop nooit een batterij in uw mond. Neem bij doorslikken contact op met een arts of de plaatselijke eerste hulp.
  • Niet kortsluiten; dit kan brandwonden of brand opleveren.
  • Geen batterijpakketten opladen of gebruiken met andere dan oplaadbare Shure-batterijen.
  • Voer batterijpakketten op juiste wijze af. Raadpleeg de plaatselijke verkoper voor de juiste afvoermethode voor gebruikte batterijpakketten.
  • Batterijen (batterijpakketten of geplaatste batterijen) mogen niet worden blootgesteld aan grote hitte, zoals direct zonlicht, vuur etc.
  • Dompel de batterij niet onder in vloeistof zoals water, drank of andere vloeistoffen.
  • Bevestig of plaats de batterij niet met omgekeerde polariteit.
  • Houd uit de buurt van kleine kinderen.
  • Gebruik geen afwijkende batterijen.
  • Verpak de batterij veilig voor het transport.

Opmerking:

  • Dit apparaat is bedoeld om in professionele audiotoepassingen te worden gebruikt.
  • EMC-conformiteit wordt gebaseerd op het gebruik van meegeleverde en aanbevolen kabeltypen. Bij gebruik van andere kabeltypen kunnen de EMC-prestaties worden aangetast.
  • Gebruik deze batterijlader uitsluitend met de laadmodules en batterijpakketten van Shure waarvoor hij is bedoeld. Gebruik met andere dan de opgegeven modules en batterijpakketten kan het risico van brand of explosie vergroten.
  • Wijzigingen of aanpassingen die niet expliciet zijn goedgekeurd door Shure Incorporated, kunnen uw bevoegdheid om het apparaat te gebruiken tenietdoen.

Informatie voor de gebruiker

Deze apparatuur is getest en goed bevonden volgens de limieten van een digitaal apparaat van klasse B, conform deel 15 van de FCC-regelgeving. Deze apparatuur genereert en gebruikt radiofrequentie-energie en kan deze uitstralen. Als de apparatuur niet volgens de instructiehandleiding van de fabrikant wordt geïnstalleerd en gebruikt, kan deze storing veroorzaken met radio- en televisieontvangst.

Kennisgeving: De Industry Canada-regelgeving vereist dat wijzigingen of aanpassingen die niet expliciet zijn goedgekeurd door Shure Incorporated uw bevoegdheid om het apparaat te gebruiken teniet kunnen doen.

Deze limieten zijn bedoeld als aanvaardbare bescherming tegen schadelijke interferentie bij plaatsing in woonwijken. Deze apparatuur genereert en gebruikt hoogfrequente energie, kan deze ook uitstralen en kan, indien niet geplaatst en gebruikt in overeenstemming met de instructies, schadelijke interferentie aan radiocommunicatie veroorzaken. Er is echter geen garantie dat in specifieke installaties geen storingen kunnen optreden. Als deze apparatuur schadelijke interferentie in radio- of televisieontvangst veroorzaakt, wat kan worden vastgesteld door het apparaat uit- en weer in te schakelen, wordt de gebruiker geadviseerd om de storing te corrigeren door een of meer van onderstaande maatregelen:

  • Richt de ontvangstantenne opnieuw of plaats deze ergens anders.
  • Vergroot de scheidingsafstand tussen het apparaat en de ontvanger.
  • Sluit het apparaat aan op een contactdoos van een ander circuit dan dat waarop de ontvanger is aangesloten.
  • Vraag de dealer of een ervaren radio/TV-monteur om hulp.

Dit apparaat voldoet aan deel 15 van de FCC-regelgeving. Op het gebruik zijn de volgende twee voorwaarden van toepassing:

  1. Dit apparaat mag geen schadelijke interferentie veroorzaken.
  2. Dit apparaat moet alle ontvangen interferentie accepteren, inclusief interferentie die een ongewenste werking kan veroorzaken.

Shure heeft vastgesteld dat dit product een harmonisch product van klasse B is. De volgende gedeeltes geven informatie over landspecifieke EMC/EMI- of productveiligheid.

Certificering

Gecertificeerd onder FCC-deel 15.

FCC-ID: DD4GLXD4RZ3, DD4GLXD1Z3, DD4GLXD2Z3 IC: 616A-GLXD4RZ3, 616A-GLXD1Z3, 616A-GLXD2Z3

CAN ICES-003 (B)/NMB-003(B)

De antenne(s) moet(en) zodanig worden geplaatst dat er te allen tijde een minimale afstand van 20 cm aanwezig is tussen de radiator (antenne) en alle personen.

Deze apparatuur voldoet aan de grenswaarden voor blootstelling aan straling die zijn bepaald door FCC zoals opgesteld voor een ongeregelde omgeving. Deze apparatuur moet op een minimale afstand van 20 cm ten opzichte van de radiator en uw lichaam worden geïnstalleerd en gebruikt.

Dit product voldoet aan de toepasselijke technische specificaties voor Innovation, Science and Economic Development Canada. Gecertificeerd door ISED in Canada onder RSS-247 en RSS-GEN.

This device contains licence-exempt transmitter(s)/receiver(s) that comply with Innovation, Science and Economic Development Canada’s licence-exempt RSS(s). Operation is subject to the following two conditions:

  1. This device may not cause interference.
  2. This device must accept any interference, including interference that may cause undesired operation of the device.

Dit apparaat voldoet aan de limieten van de FCC en ISED voor blootstelling aan straling in een ongecontroleerde omgeving. De eindgebruiker moet de specifieke bedieningsinstructies volgen voor een juiste naleving van RF-blootstelling. Deze zenders mogen niet worden geplaatst bij of samen worden gebruikt met andere antennes of zenders.

Cet équipement est conforme aux limites d’exposition aux rayonnements ISED établies pour un environnement non contrôlé. L’utilisateur final doit suivre les instructions spécifiques pour satisfaire les normes. Cet émetteur ne doit pas être co-implanté ou fonctionner en conjonction avec toute autre antenne ou transmetteur.

La operación de este equipo está sujeta a las siguientes dos condiciones: La operación de este equipo está sujeta a las siguientes dos condiciones: (1) es posible que este equipo o dispositivo no cause interferencia perjudicial y (2) este equipo o dispositivo debe aceptar cualquier interferencia, incluyendo la que pueda causar su operación no deseada.

Este equipamento não tem direito à proteção contra interferência prejudicial e não pode causar interferência em sistemas devidamente autorizados. Para maiores informações, consulte o site da ANATEL www.anatel.gov.br

해당 무선설비는 전파혼신 가능성이 있으므로 인명안전과 관련된 서비스는 할 수 없음

  1. 取得審驗證明之低功率射頻器材,非經核准,公司、商號或使用者均不得擅自變更頻率、加大功率或變更原設計之特性及功能。低功率射頻器材之使用不得影響飛航安全及干擾合法通信;經發現有干擾現象時,應立即停用,並改善至無干擾時方得繼續使用。前述合法通信,指依電信管理法規定作業之無線電通信。低功率射頻器材須忍受合法通信或工業、科學及醫療用電波輻射性電機設備之干擾。
  2. 應避免影響附近雷達系統之操作。
  3. 高增益指向性天線只得應用於固定式點對點系統。

เครื่องโทรคมนาคมและอุปกรณ์นี้มีความสอดคล้องตามมาตรฐานหรือข้อกำหนดทางเทคนิคของ กสทช.

Distributeur in Paraguay: Microsystems S.R.L., Senador Long 664 c/Dr. Lilio, Asunción, Paraguay

Het aansluiten en gebruik van deze communicatieapparatuur is toegestaan door de Nigeriaanse Commissie voor Communicatie.

運用に際しての注意

この機器の使用周波数帯では、電子レンジ等の産業・科学・医療用機器のほか工場の製造ライン等で使用されている移動体識別用の構内無線局(免許を要する無線局)及び特定小電力無線局(免許を要しない無線局)並びにアマチュア無線局(免許を要する無線局)が運用されています。

  1. この機器を使用する前に、近くで移動体識別用の構内無線局及び特定小電力無線局並びにアマ   チュア無線局が運用されていないことを確認して下さい。
  2. 万一、この機器から移動体識別用の構内無線局に対して有害な電波干渉の事例が発生した場合には、 速やかに使用周波数を変更するか又は電波の発射を停止した上、下記連絡先にご連絡頂き、混  信回避のための処置等(例えば、パーティションの設置など)についてご相談して下さい。
  3. その他、この機器から移動体識別用の特定小電力無線局あるいはアマチュア無線局に対して有害な電波干渉の事例が発生した場合など何かお困りのことが起きたときは、保証書に記載の販売代  理店または購入店へお問い合わせください。代理店および販売店情報は Shure 日本語ウェブサイト  http://www.shure.co.jp でもご覧いただけます。

現品表示記号について

現品表示記号は、以下のことを表しています。 この無線機器は 2.4GHz 帯の電波を使用し、変調方式は「その他」の方式、想定与干渉距離は 80m です。 2,400MHz~ 2,483.5MHz の全帯域を使用し、移動体識別装置の帯域を回避することはできません。

Richtlijn voor AEEA (afgedankte elektrische en elektronische apparatuur)

Afbeelding van een afvalbak voor huishoudelijk afval met een kruis erdoorheen

Binnen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk geeft dit label aan dat dit product niet met het huishoudelijk afval mag worden afgevoerd. Het moet worden afgegeven bij een geschikte faciliteit voor herwinning en recycling.

Registration, Evaluation, Authorization of Chemicals (REACH) Directive (Richtlijn voor registratie, evaluatie, verificatie van chemicaliën)

REACH (Registratie, Evaluatie en Autorisatie van Chemische stoffen) is het regelgevende kader voor chemische stoffen in de Europese Unie (EU) en het Verenigd Koninkrijk (VK). Informatie over zeer zorgwekkende stoffen in Shure-producten met een concentratie van meer dan 0,1% gewichtsprocent (g/g) is op verzoek beschikbaar.

CE-certificering:

Shure Incorporated verklaart hierbij dat voor dit product met CE-markering is vastgesteld dat deze voldoet aan de vereisten van de Europese Unie. De volledige tekst van de EU-verklaring van conformiteit is beschikbaar op de volgende website: https://www.shure.com/en-EU/support/declarations-of-conformity.

Erkende Europese importeur/vertegenwoordiger:

Shure Europe GmbH

Afdeling: Wereldwijde conformiteit

Jakob-Dieffenbacher-Str. 12

75031 Eppingen, Duitsland

Telefoon: +49-7262-92 49 0

Fax: +49-7262-92 49 11 4

E-mail: EMEAsupport@shure.de

UKCA Notice:

Hereby, Shure Incorporated declares that this product with UKCA Marking has been determined to be in compliance with UKCA requirements. The full text of the UK declaration of conformity is available at the following site: https://www.shure.com/en-GB/support/declarations-of-conformity.

Shure UK Limited - UK Importer

Unit 2, The IO Centre, Lea Road,

Waltham Abbey, Essex, EN9 1 AS, UK

(一)本产品符合“微功率短距离无线电发射设备目录和技术要求”的具体条款和使用场景;

(二)不得擅自改变使用场景或使用条件、扩大发射频率范围、加大发射功率(包括额外加装射频功率放大器),不得擅自更改发射天线;

(三)不得对其他合法的无线电台(站)产生有害干扰,也不得提出免受有害干扰保护;

(四)应当承受辐射射频能量的工业、科学及医疗(ISM)应用设备的干扰或其他合法的无线电台(站)干扰;

(五)如对其他合法的无线电台(站)产生有害干扰时,应立即停止使用,并采取措施消除干扰后方可继续使用;

(六)在航空器内和依据法律法规、国家有关规定、标准划设的射电天文台、气象雷达站、卫星地球站(含测控、测距、接收、导航站)等军民用无线电台(站)、机场等的电磁环境保护区域内使用微功率设备,应当遵守电磁环境保护及相关行业主管部门的规定。