Algemene beschrijving

De Shure MV51 is een USB-condensatormicrofoon van professionele kwaliteit die ideaal is voor opnames thuis, podcasting en videoconferencing. De aantrekkelijke en duurzame, volledig metalen constructie heeft een verstelbare klapstandaard voor desktopgebruik en kan eveneens op een microfoonstandaard worden gemonteerd. Via een gebruikersinterface met aanraakscherm kunnen de microfoonversterkingsfactor, het hoofdtelefoonniveau, de toepassingsmodi en de demping worden geregeld.

Kenmerken

  • Instellingen eenvoudig aan te passen met de intuïtieve interface van het aanraakscherm
  • Compatibel met de meeste iDevices (iPhone, iPad, en iPod) via de Lightning®-interface
  • Compatibel met de meeste computers, tablets en smart-telefoons via de USB-interface
  • De electret-condensatormicrofoon met groot membraan registreert spraak en muziek met uitmuntende helderheid
  • Gestroomlijnd ontwerp met een volledig metalen behuizing voor duurzaamheid van professionele kwaliteit
  • Via de hoofdtelefoonuitgang is controle in realtime mogelijk van het live-signaal en het geluid van de computer of een ander apparaat
  • Vooringestelde DSP-modi met o.a. niveauregeling en compressie-instellingen voor specifieke toepassingen
  • De desktopklapstandaard heeft een afneembare punt voor montage op een microfoonstandaard

Montage en opstelling

Desktop

Richt de microfoon op de geluidsbron door de klapstandaard af te stellen.

Microfoonstandaard

Schroef de einddop los om de klapstandaard op een normale microfoonstandaard van 5/8" te draaien.

Einddop klapstandaard

Snelle installatie

De MV51 is compatibel met de meeste apparaten die een USB- of Lightning-connector hebben.

  1. Sluit de microfoon aan op een computer of mobiel apparaat. Gebruik de toepasselijke kabel (USB of Lightning).

    Stuurprogramma’s worden automatisch geïnstalleerd. Het aanraakscherm licht op bij een geslaagde verbinding.

  2. Open het onderdeel Geluid van het Configuratiescherm. Selecteer het stuurprogramma Shure MV51.

    Verhoog het niveau op zowel het MV51-product als de hostcomputer voor goede controle.

  3. Bevestig dat de MV51 het geselecteerde audioapparaat is.

    Sluit de hoofdtelefoon aan op de audio-uitgang van het MV51-apparaat en speel een geluidsspoor af. Als u geluid hoort, werkt de microfoon naar behoren.

    Als uw computerinstellingen standaard een ander apparaat gebruiken, open dan het onderdeel Geluid van het Configuratiescherm en selecteer het MV51-apparaat.

  4. Stel het hoofdtelefoonvolume in het apparaatstuurprogramma van de Shure MV51 af.

    Open het MV51-stuurprogramma vanuit het onderdeel Geluid van het Configuratiescherm en verhoog het hoofdtelefoonvolume vanaf het tabblad Afspelen of Uitvoer.

  5. Selecteer met de knop MODE de voorinstelmodus die past bij de toepassing.

    Als het geluid te zacht is of wordt vervormd, stel dan de versterkingsfactor handmatig af. Raadpleeg het onderwerp ‘Microfoonniveau afstellen’ in deze handleiding voor meer informatie.

  6. Selecteer in de opnametoepassing de MV51 als ingangsbron.

    Zie de gebruikershandleiding van de software voor informatie over het toewijzen van ingangsbronnen.

U kunt nu gaan opnemen.

Bedieningselementen van interface met aanraakscherm

Aanraakscherm

① Schuifregelaar volumeregeling

Regel het microfoon- of hoofdtelefoonniveau af door met uw vinger over het bedieningsvlak te schuiven.
  • Druk op de modusknop om het microfoonniveau te activeren.
  • Druk op de hoofdtelefoonknop om het hoofdtelefoonvolume te activeren.

② Led-balk

Deze toont het microfoon- en hoofdtelefoonniveau. De kleur van de leds geeft het bepaalde niveau aan dat weergegeven of afgeregeld wordt.
  • Groen: Microfoonniveau
  • Oranje: Hoofdtelefoonniveau

③ Dempingsknop

Als deze wordt ingedrukt, wordt de microfoon al of niet gedempt.

④ Modusschakelaar

Druk hierop voor het selecteren van de voorinstelmodi.

⑤ Keuzeschakelaar hoofdtelefoonvolume

Druk hierop voor het selecteren van het bedieningselement voor het hoofdtelefoonniveau (oranje led-balk). Regel vervolgens met de schuifregelaar voor volumeregeling het hoofdtelefoonniveau af. Druk er nogmaals op om naar de microfoonniveauweergave terug te keren (groene led-balk).

Voorinstelmodi

Vijf selecteerbare modi optimaliseren de instellingen voor niveauregeling en compressie om aan uw opnamebehoeften te voldoen. Stel het volumeniveau in en blader door de modi om zo de best klinkende instelling te vinden. De voorinstellingen zijn niet van invloed op het microfoonniveau.

Modus Pictogram Toepassing
Spraak
Gebruik deze instelling voor spraak bij podcasting
Zang
Gebruik deze instelling voor het registreren van vocale uitvoeringen (solo of koor)
Zachte en akoestische muziek
Geschikt voor toepassingen van akoestische instrumenten en zachte muziek
Harde muziek of band
Gebruik deze instelling voor het opnemen van een band of andere sterke geluidsbronnen
Vlak
Een volledig onbewerkt signaal (geen niveauregeling of compressie-instellingen toegepast). Gebruik deze instelling voor het bewerken van het geluid na de opname.

Toepassingen

In dit gedeelte staan suggesties voor de plaatsing van een microfoon in normale gebruiksgevallen. Denk eraan dat er veel effectieve manieren zijn om een gegeven geluidsbron op te nemen. Experimenteer met de volgende microfoonplaatsing en -instellingen om te weten wat het beste werkt.

Podcast en spraakopname

Stel de microfoon af op de modus Spraak. Spreek rechtstreeks in de voorzijde van de microfoon op 5-30 cm (2-12 inch) afstand. Dichter bij de microfoon spreken vergroot de basweergave, vergelijkbaar met gesproken tekst in een radio-uitzending. Regel zo nodig de versterkingsfactor nogmaals af.

Normale positie voor spraak

Akoestische instrumenten en muziek

Voor het registreren van akoestische geluidsbronnen, zoals zang, akoestische gitaar, zachte percussie of andere muziekinstrumenten, wordt de microfoon dicht bij de bron geplaatst.

Richt de microfoon rechtstreeks op de geluidsbron. Plaats bij één geluidsbron, zoals een snaarinstrument of zanger, de microfoon op 15 tot 30 cm (6 tot 12 inch) afstand. Gebruik voor een kleine groep of een performer die tegelijkertijd zingt en een instrument bespeeld, een afstand van 0,6 m tot 3 m (2 tot 10 ft). Wanneer de microfoon verder weg wordt geplaatst, resulteert dit in meer omgevingsgeluid.

Stel de microfoon af op de modus Akoestisch of Zang en regel zo nodig de versterkingsfactor nogmaals af.

Bands en sterke geluidsbronnen

Voor het opnemen van een band met drums of versterkte instrumenten richt u de microfoon naar de groep op een afstand van 1,8 tot 4,6 m (6 tot 15 voet). De plaatsing van de microfoon is afhankelijk van de grootte van de ruimte, het aantal personen en het volume van de instrumenten. Loop zo mogelijk door de ruimte en luister waar het geluid het beste klinkt.

Bij andere sterke geluidsbronnen, zoals een elektrische gitaarversterker, richt u de microfoon naar de geluidsbron op een afstand van 0-45 cm (0-18 inch).

Stel de microfoon af op de modus Band en regel zo nodig de versterkingsfactor nogmaals af.

EQ en compressie (vlak) overbruggen

Voor het opnemen van een signaal zonder enige bewerking, stelt u de microfoon af op de modus Vlak. Deze modus is geschikt voor alle toepassingen waarbij u de voorinstellingen van niveauregeling en compressie wilt overbruggen, en is ideaal voor de signaalbewerking van de opname op een later tijdstip.

Aanvullende tips

Shure biedt aanvullende educatieve publicaties over opnametechnieken voor specifieke instrumenten en toepassingen. Ga naar shure.com voor meer informatie.

Microfoonniveau afstellen

Selecteer de juiste voorinstelling voor uw opnametoepassing. Als u vervorming hoort of het geluid te zacht is, dient u het microfoonniveau af te stellen in het onderdeel Audio of Geluid van het Configuratiescherm van uw computer of op het opnameapparaat.

Tips:

  • Stel het microfoonniveau af voordat het hoofdtelefoonvolume wordt afgeregeld.
  • Het hoofdtelefoonvolume is niet van invloed op het signaalniveau dat naar de computer wordt gestuurd.
  • Stel met de volumeschuifregelaar op het voorpaneel het niveau van de microfoonversterkingsfactor af.

    Opmerking: De microfoonversterkingsregeling is onafhankelijk van de voorinstelmodi. Stel uw microfoonniveau in en experimenteer met de opties voor dynamische bewerking via de voorinstelmodi.

Hoofdtelefoonniveau afstellen

Het niveau van de hoofdtelefoonmonitor wordt beïnvloed door het niveau van het MV51-apparaat en de computerinstellingen. Verhoog het computervolume en stel de hoofdtelefoon handig af via de hoofdtelefooninstellingen van het MV51-apparaat.

Configuratiescherm openen

PC

  1. Open het onderdeel Geluid van het Configuratiescherm en selecteer het tabblad Opnemen.
  2. Open het apparaat Shure MV51.
  3. Stel op het tabblad Niveaus het versterkingsniveau in m.b.v. de schuifregelaar.

Mac®

  1. Open het paneel Audio/MIDI-instellingen.
  2. Selecteer het apparaat Shure MV51.
  3. Klik op Invoer om het versterkingsniveau in te stellen m.b.v. de schuifregelaar.

Mac-paneel voor audio-instellingen

Niveau ingangsmeter

Als uw digitale audiowerkstation of opnamesoftware over ingangsmeters beschikt, stel dan het microfoonniveau zo af dat de pieken tussen –12 en –6 dB liggen. Zo niet luister dan gewoon naar het geluid en let erop dat het hard genoeg en onvervormd is.

Piekniveaus

Het streefbereik van piekniveaus op een normale meter ligt tussen –12 en –6 dB.

Controles uitvoeren met het MOTIV-apparaat

De hoofdtelefoonuitgang levert een gelijke mengverhouding van het rechtstreekse microfoonsignaal en het afspeelgeluid van de computer. Zo kunt u handig het hoofdtelefoonvolume afstellen met maar één regelaar op het aanraakscherm van het apparaat. Om het niveau van het afspeelgeluid t.o.v. het niveau van het rechtstreekse microfoonsignaal te wijzigen, kunt u de instellingen van de computer of het DAW-mengpaneel aanpassen.

Tip: Verhoog bij de eerste keer aansluiten van de microfoon op de computer het volumeniveau in het onderdeel Geluid van het Configuratiescherm van de computer voor een sterk geluidssignaal. Pas vervolgens het hoofdtelefoonniveau op het apparaat aan voor een comfortabel controleniveau.

Bemonsteringssnelheid en bitdiepte

De instellingen voor de bemonsteringssnelheid en bitdiepte zijn te vinden in een vervolgkeuzelijst in het onderdeel Audio of Geluid van het Configuratiescherm van uw computer. U kunt deze variabelen naar behoefte afstellen. Selecteer een lagere bemonsteringssnelheid voor podcast-opnamen, wanneer het belangrijk is om een kleiner bestand te hebben om sneller te downloaden. Selecteer een hogere bemonsteringssnelheid voor muziek en opnamen met meer dynamiek.

Tip: Gebruik een hogere bemonsteringssnelheid voor de opname en zet deze om in een M4A voor een bestand van de hoogste geluidskwaliteit met een werkbare grootte.

Tip voor pc-gebruikers: Zorg ervoor dat de microfooninstellingen voor de bemonsteringssnelheid en bitdiepte, die in het onderdeel Geluid van het Configuratiescherm van de computer zijn opgenomen, overeenkomen met de bemonsteringssnelheid en bitdiepte die zijn geselecteerd in de gebruikte software.

Probleemoplossing

Probleem Oplossing
Display licht niet op Zorg dat de MV51 er volledig is ingestoken.
Geluid is te zacht Controleer de instellingen van het onderdeel Geluid van het Configuratiescherm van de computer. Verhoog bij de eerste keer aansluiten van de MV51 op de computer het volumeniveau van de computer.
Geluid klinkt slecht Controleer het onderdeel Geluid van het Configuratiescherm van de computer om zeker te zijn dat de MV51 volledig is aangesloten en wordt herkend.
Geluid is vervormd Gebruik de audiometer om ervoor te zorgen dat volumepieken binnen het streefbereik vallen. Als het niveau de rode piekindicator van de ingangsmeter bereikt, draai de versterkingsfactor dan omlaag.
Geluid klinkt onnatuurlijk of trilt Zorg ervoor dat de microfooninstellingen voor de bemonsteringssnelheid en bitdiepte, die in het onderdeel Geluid van het Configuratiescherm van de computer zijn opgenomen, verenigbaar zijn met de bemonsteringssnelheid en bitdiepte die zijn geselecteerd in de gebruikte software.
MV51 is aangesloten, maar de volumemeter registreert geen signaal. Stel de privacy-instellingen voor het iOS-apparaat in onder SETTINGS > PRIVACY > MICROPHONE om de opnametoepassing toestemming te geven voor het gebruik van de microfoon.
Apparaat werkt niet met USB-hub. De MV51 heeft per poort 250 mA nodig. Controleer documentatie van de USB-hub voor de specificatie van stroom/poort.

Systeemvereisten en compatibiliteit

Windows
  • Windows 7 en hoger
  • Minimaal RAM = 64 MB
  • USB 2.0
Macintosh
  • OS X Lion 10.7 en hoger
  • Minimaal RAM = 64 MB
  • USB 2.0
iOS
  • iOS 10.0 en hoger
iPhone
  • iPhone 5 en hoger
iPod Touch
  • 5e generatie
iPad
  • iPad 4e generatie en hoger
iPad Mini
  • iPad Mini 1e generatie en hoger

Productgegevens

MFi-gecertificeerd

Ja

DSP-modi (voorinstellingen)

Spraak/Zang/Akoestisch/Luid/Vlak

Transducertype

Elektreetcondensator (25 mm)

Polairpatroon

Unidirectioneel (cardioïde)

Bitdiepte

16-bit/24-bits

Bemonsteringssnelheid

44,1/48 kHz

Frequentiekarakteristiek

20 Hz tot 20,000 Hz

Instelbaar versterkingsbereik

0 tot +36 dB

Gevoeligheid

–39 dBFS/Pabij 1 kHz [1] [2}

Maximum-SPL

130 dB SPL [2]

Hoofdtelefoonuitgang

3,5 mm (1/8")

Voedingsvereisten

Gevoed via USB of Lightning

Dempingsschakelaarverzwakking

Ja

Montagestandaard

Ingebouwd

Adapter voor standaard

5/8-27 schroefdraadmontage (Standaardmontage op microfoonstandaard)

Behuizing

Volledig metalen constructie

Nettogewicht

574,7 g (20,27oz.)

Afmetingen

128 x 86 x 70 mm H x B x D

Kabel

1 m USB cable, 1 m Lightning cable

[1] 1 Pa=94  dB SPL

[2]Bij minimale versterkingsfactor, vlakke modus

Polairpatroon

Frequentiekarakteristiek

Accessoires

Bijgeleverde accessoires

USB-kabel van 1 m

AMV-USB

Lightning-kabel van 1 m

AMV-LTG

Adapter voor 5/8 inch tot 3/8 inch schroefdraad (Euro)

95A2050

Certificering

Informatie voor de gebruiker

Deze apparatuur is getest en goed bevonden volgens de limieten van een digitaal apparaat van klasse B, conform deel 15 van de FCC-regelgeving. Deze limieten zijn bedoeld als aanvaardbare bescherming tegen schadelijke interferentie bij plaatsing in woonwijken. Deze apparatuur genereert en gebruikt hoogfrequente energie, kan deze ook uitstralen en kan, indien niet geplaatst en gebruikt in overeenstemming met de instructies, schadelijke interferentie aan radiocommunicatie veroorzaken. Er is echter geen garantie dat in specifieke installaties geen storingen kunnen optreden. Als deze apparatuur schadelijke interferentie in radio- of televisieontvangst veroorzaakt, wat kan worden vastgesteld door het apparaat uit- en weer in te schakelen, wordt de gebruiker geadviseerd om de storing te corrigeren door een of meer van onderstaande maatregelen:

  • Richt de ontvangstantenne opnieuw of plaats deze ergens anders.
  • Vergroot de scheidingsafstand tussen het apparaat en de ontvanger.
  • Sluit het apparaat aan op een contactdoos van een ander circuit dan dat waarop de ontvanger is aangesloten.
  • Vraag de dealer of een ervaren radio/TV-monteur om hulp.

Compliantielabel Industry Canada ICES-003: CAN ICES-3 (B)/NMB-3(B)

Opmerking: De test wordt gebaseerd op het gebruik van meegeleverde en aanbevolen kabeltypen. Bij gebruik van andere dan afgeschermde kabeltypen kunnen de EMC-prestaties worden aangetast.

Dit product voldoet aan de essentiële vereisten van alle toepasselijke Europese richtlijnen en komt in aanmerking voor CE-markering.

De CE-conformiteitsverklaring kan worden verkregen via: www.shure.com/europe/compliance

Erkende Europese vertegenwoordiger:

Shure Europe GmbH

Hoofdkantoren in Europa, Midden-Oosten en Afrika

Afdeling: EMEA-goedkeuring

Jakob-Dieffenbacher-Str. 12

75031 Eppingen, Duitsland

Telefoon: +49-7262-92 49 0

Fax: +49-7262-92 49 11 4

E-mail: info@shure.de

"Made for iPod", "Made for iPhone" en "Made for iPad" betekenen dat een elektronisch accessoire is ontworpen om specifiek te worden aangesloten op respectievelijk een iPod, iPhone of iPad en door de ontwikkelaar gecertificeerd is om te voldoen aan de prestatienormen van Apple. Apple is niet verantwoordelijk voor de werking van dit apparaat of de naleving ervan met veiligheids- en regelgevingsnormen. Denk eraan dat het gebruik van dit accessoire met een iPod, iPhone of iPad de draadloze prestaties nadelig kunnen beïnvloeden.

iPad, iPhone, iPod, iPod classic, iPod nano, iPod touch en Retina zijn handelsmerken van Apple Inc., gedeponeerd in de VS en andere landen. iPad Air en iPad mini zijn handelsmerken van Apple Inc. Het handelsmerk "iPhone" wordt gebruikt met een licentie van Aiphone K.K.

Mac en Lightning zijn gedeponeerde handelsmerken van Apple Inc.